Als een klant een woning in box 3 heeft, hetzij als verhuurd beleggingsobject, hetzij als tweede woning of vakantiewoning, is speciale aandacht voor dat vermogensbestanddeel nodig. Dat geldt zowel voor de periode tot 2028 met het forfaitaire box 3-stelsel en de tegenbewijsregeling, als voor de periode vanaf 2028 wanneer de Wet werkelijk rendement box 3 (Wwr) ingaat. Zo komt de vraag naar boven, wanneer in de praktijk tot 2028 vooral gebruik gemaakt kan worden van de tegenbewijsregeling en wat er gaat veranderen met ingang van 2028. Deze online cursus is 100% praktijkgericht. Je krijgt concrete antwoorden en allerhande tips en trucs voor de praktijk.
Wat ga je leren in de cursus Woningen in box 3 in de praktijk?
- Hoe geschiedt de waardering van woningen in box 3?
- Hoe werkt de leegwaarderatio tot 2028, vooral onder de tegenbewijsregeling.
- Wat zijn de aspecten van de leegwaarderatio voor de step-up waarde op 1 januari 2028, wat zijn daarbij de kansen en wat de valkuilen?
- Hoe bepaal je de waardeaangroei in de tegenbewijsregeling en in de Wwr?
- Hoe werkt het zakelijkheidsbeginsel door bij verhuurde woningen aan bijvoorbeeld kinderen?
- Hoe ga je om met garageboxen in box 3?
- Hoe ga je om met investeringen in woningen tot 2028 en vanaf 2028?
- Hoe luiden de bepalingen omtrent het eigen gebruik van vastgoed tot 2028 en vanaf 2028?
- Hoe ga je om met blooteigendom en vruchtgebruik van woningen in box 3?
- Hoe ga je om met woningen in het buitenland. Hoe luidt dan de step-up regeling per 1 januari 2028 en wat zijn daarbij de valkuilen maar ook de kansen?
- Wanneer moet je vanaf 2028 afrekenen over de meerwaarde: bij huwelijken, echtscheiding, overlijden en andere gebeurtenissen
- Wat zijn vanaf 2028 de mogelijkheden van doorschuifregelingen en HIR?
Leerdoelen en leerresultaten
Je bent in staat om klanten proactief te adviseren over woningen in box 3. Wat is verstandig om te doen tot 2028 en wat is slim vanaf 2028, met daarbij speciale aandacht voor de step-up regeling per 1 januari 2028.