Uit de reeks Webinars “In de praktijk”

Veel belastingplichtigen met vermogensbestanddelen in box 3 vragen zich af of ze hun vermogen niet geheel of gedeeltelijk kunnen inbrengen in een eigen bv. Die vraag is met name aanwezig voor de jaren vanaf 2028, omdat per 1 januari 2028 de Wet werkelijk rendement box 3 (Wwr) in werking treedt. Om die klanten goed te kunnen adviseren, is inzicht in de Wwr een randvoorwaarde. En dan niet alleen zoals die naar alle waarschijnlijkheid gaat gelden vanaf 2028, maar ook vanaf 2032. Want het kabinet heeft aangegeven vanaf dat jaar met een upgrade te komen van de Wwr.
Deze cursus is beslist geen wetenschappelijke verhandeling van allerhande thema’s en vraagstukken, maar juist 100% praktijkgericht. U krijgt concreet antwoord op vragen die in de praktijk spelen, met allerhande tips en trucs.

Aan de hand van een concrete casus wordt ook ‘gespeeld’ wat het voordeel is van beleggen in box 3 of in de eigen bv, en dan voor zowel vermogensbestanddelen die vallen onder de vermogensaanwasbelasting (VAB) of de vermogenswinstbelasting (VWB). Want hoe groot is nu het voordeel echt van de VWB ten opzichte van de VAB omdat je heffing kunt uitstellen? Weegt dat nu echt op tegen de hogere tarieven die optreden bij een exit in de eigen bv, zoals wellicht de hoge Vpb-schijf en de hoge box 2-schijf? Wat is nu concreet het fiscale voordeel van het vervangen van aandelen die dividend uitkeren in vergelijkbare aandelen die geen dividend uitkeren (groeifondsen)?

Wat ga je leren in de cursus Keuze beleggen in box 3 of eigen bv?

Welke onderwerpen komen aan bod :
– Wat zijn de effectieve belastingtarieven bij beleggen in box 3 en in een eigen bv, ook rekening houdend met inkomensafhankelijke regelingen?
– Wat is in dit kader een optimaal dividendbeleid?
– Wat zijn de hoofdregels van de Wwr vanaf 2028 en wat zijn de aangekondigde elementen van de upgrade, de zgn. ‘menukaart’?
– Hoe luidt de step-upregeling voor vastgoed op 1 januari 2028, wat zijn daarbij de valkuilen en kansen?
– Maakt het uit of je praat over de vermogensbestanddelen die voor de waardeaangroei worden belast vermogensaanwasbelasting of vermogenswinstbelasting?
– Welke rol speelt de liquiditeitsbehoefte van een klant?
– Hoe om te gaan met buitenlands vastgoed?
– Wanneer moet in box 3 worden afgerekend over de waardegroei in box 3 en wanneer bij een eigen bv?
– Voor welke vermogensbestanddelen is bij een eigen bv toepassing van de HIR mogelijk, zoals beleggingsaandelen en beleggingsvastgoed?
– Wat gebeurt er bij een huwelijk, echtscheiding en overlijden in box 3 en bij een eigen bv?
– Wat zijn de doorschuiffaciliteiten in box 3 en bij een eigen bv?
– Als je vermogensbestanddelen in een eigen bv inbrengt, wat is dan verstandig: het bedingen van aandelenkapitaal, agio of een vordering op de eigen bv?
– Is het slim om vermogensbestanddelen over te boeken van box 3 naar een eigen bv of omgekeerd? Wat is dan het effectieve overdrachtsbelastingtarief, zoals 4.2% voor woningen vanaf 2028?

Leerdoelen en leerresultaten

Je bent in staat om klanten proactief te adviseren over de allocatie van hun beleggingen vanaf 2028: beleggen in box 3 of liever in een eigen bv. En je kunt antwoord geven op de vragen welke migratietrajecten daarbij eventueel spelen en wat de beste timing voor de migratie is.

Rooster

Maak een selectie

Evenement informatie

Er zijn momenteel geen momenten gepland. Kijk op een later moment nog eens.

Docenten

Vragen over deze cursus?